Platform Slappe Bodem: Tijd voor een grondige aanpak!

In de veengebieden van Zuid-Holland, Noord-Holland, Utrecht en in delen van Flevoland en Friesland is het voor weinig inwoners een geheim dat de bodem daalt. Zij moeten regelmatig hun tuinen ophogen, stoepjes aanleggen om in hun huizen of bedrijfspanden te komen en belasting betalen aan hun gemeente om straten, pleinen en stoepen op te hogen. De bodemdaling bestaat al eeuwen, en tot nu toe hebben de bewoners er op allerlei manieren op ingespeeld.

De gevolgen van bodemdaling zijn te bestrijden, maar de grenzen van wat nog beheersbaar is zijn in zicht. De verantwoordelijke beheerders van de buitenruimte verenigd in het Platform Slappe Bodem vinden het daarom tijd voor een grondige aanpak. Het vestigingsklimaat en de aantrekkelijke leefomgeving staan onder druk, en dat vraagt om een nationale strategie. Met het nieuwe Uitvoeringsprogramma Platform Slappe Bodem 2015-2019 zetten de deelnemende partijen met hernieuwd elan hun inzet voort. Op 22 april is dit Uitvoeringsprogramma vastgesteld in het stadhuis van Alphen aan den Rijn.

Streven van de huidige deelnemers is om het Platform te versterken en te vergroten. Hiermee moet een grote coalitie ontstaan van gemeenten, waterschappen en provincies. De kerngroep van het Platform Slappe Bodem, met hierin bestuurders van de gemeenten Alphen aan den Rijn, Woerden, Gouda, Krimpenerwaard en Zaanstad nemen het voortouw. Door kennis te delen, te ontwikkelen en door het betrekken van ondernemers en kennisinstellingen moeten manieren ontwikkeld worden om duurzaam met de problematiek om te gaan.

Omdat een groot en economisch belangrijk deel van Nederland te maken heeft met slappe bodem, spreekt het Platform Slappe Bodem ook het Rijk aan. Een eenduidige en collectieve aanpak is gewenst, waarin ook ruimte gecreƫerd moet worden voor innovaties en de toepassing daarvan.