menu
Filter

Risicoanalyse geeft inzicht in schadekosten aan funderingen

De droogte van de afgelopen zomers zorgde voor extra aandacht voor bodemdaling en schade aan funderingen. Voor sommige gemeenten was dit een bekend probleem, maar voor anderen een verrassing. Voor veel gemeenten geldt dat ze geen inzicht hebben in het risico op funderingsproblematiek. Deltares ontwikkelde een systematische methode voor risicoanalyse van paalrot en verschilzetting van panden op staal. 

Deze methodiek, samen met beschikbare data over bodemdaling, opbouw van de ondergrond, grondwaterstanden, gebouwgegevens en expertschattingen, vormt de basis van een nieuwe quickscan ‘risico op funderingsproblematiek‘ voor gemeenten.

Lees meer op de website van Deltares

Foto Vincent Basler

Symposium Bodem Breed

Datum:
dinsdag 24 november 2020
Locatie:
Figi Zeist
Tijd:
08:30 - 18:00

Symposium Bodem Breed, vóór en dóór de bodem en ondergrond professionals.

De bodem staat weer nadrukkelijk in de belangstelling en ook weer op de politieke agenda. Op nationale schaal zijn er gelden vrijgemaakt om te onderzoeken hoe Nederland het beste met de bodemdaling kan omgaan. Nieuwe stoffen die het grondverzet bij werken aan banden leggen, mogen inmiddels ook op ruime belangstelling rekenen. Het ministerie van LNV heeft zich ten doel gesteld dat dat alle Nederlandse landbouwbodems in 2030 duurzaam beheerd zijn. En op internationale schaal heeft het VN-klimaatpanel IPCC een duidelijke boodschap afgegeven dat het nu maar eens afgelopen moet zijn met de uitputting van de bodem. Dit zijn nog maar enkele voorbeelden van de toenemende aandacht voor de bodem.

De oorspronkelijke datum van het Symposium Bodem Breed was verzet naar 2 juni. Door de zeer recente maatregelen van de regering is deze datum onhaalbaar en ook ongewenst gebleken. Daarom is het Symposium Bodem Breed opnieuw verplaatst en nu naar dinsdag 24 november 2020 te Figi in Zeist.

Meer informatie

Cursus slappe bodem: ontwerp en beheer (PAOTM)

In mei 2021 organiseert Deltares de cursus: Slappe bodem, ontwerp en beheer (PAOTM). De cursus is o.a. bedoeld voor medewerkers van gemeenten, waterschappen, provincies en ministeries die verantwoordelijk zijn voor het (beoordelen van) ontwerpen en beheerplannen van gebiedsstrategieën en infrastructuur op slappe bodem.

In deze cursus krijgt u meer handvatten met welke aspecten u rekening moet houden om zettingsarm te bouwen of om te gaan met bodemdaling. Handreikingen worden gegeven om een weloverwogen keuze te maken tussen traditioneel ophogen met zand of een, vaak duurdere en gevoeligere, zettingsarme of geheel zettingsvrije oplossing.

Meer informatie via deze link

Project belicht: Voorweg Nieuwkoop​​

De deelnemers van het Platform Slappe Bodem zoeken in de praktijk naar oplossingen voor bodemdalingsproblemen. Veel van deze projecten staan op de website. We lichten er graag een uit. Deze keer komt de reconstructie van de Voorweg in gemeente Nieuwkoop aan bod.

De Voorweg N463 is ca. 1.600 meter lang en deels in beheer en eigendom van de provincie Zuid-Holland en deels van de gemeente Nieuwkoop. Tot 2015 was de wegconstructie door ligging in slappe ondergrond aan extreme zakking onderhevig, met alle overlast van dien. Door alle ophogingen was een pakket asfalt van 1,5 meter ontstaan! In samenwerking met de provincie is gestreefd naar een zettingsvrije reconstructie, die is uitgevoerd als palenmatras door de bestaande asfaltconstructie heen.

Sinds de aanleg zijn er herstelwerkzaamheden uitgevoerd omdat er toch scheurvorming ontstond. Tevens zijn de trottoirs opgehoogd; de overgangen van zettingsvrije constructie naar zettingsgevoelige constructie vraagt om aandacht.

De volledige projectbeschrijving en contactgegevens zijn te vinden op de website.

Pubquiz Bodemdaling tijdens Nationaal Congres Bodemdaling

Tijdens het Nationaal Congres Bodemdaling is er  nieuw programma onderdeel... de Pubquiz Bodemdaling.

Test uw kennis van bodemdaling in deze quiz georganiseerd door het Nationaal Kennisprogramma Bodemdaling en de Regiodeal Bodemdaling Groene Hart. Ga de competitie aan met vakgenoten en kijk of u feiten van fictie kunt onderscheiden. Na deze quiz heeft u een kennis-upgrade gekregen waarmee u tijdens de netwerkmomenten de andere bezoekers kunt imponeren. Per sessie is er ruimte voor slechts 30 deelnemers... zorg dus dat u op tijd bent!

Facilitators: Robert van Cleef en Pui Mee Chan (Nationaal Kennisprogramma Bodemdaling) en Welmoed Visser (Regiodeal Bodemdaling Groene Hart)

Bodemdaling in de ontwerp-NOVI

Van 20 augustus tot en met 30 september heeft de ontwerp-Nationale Omgevingsvisie (NOVI) ter inzage gelegen. Het Platform Slappe Bodem heeft een zienswijze ingediend.

Het woord bodemdaling komt maar liefst 31 keer voor in de ontwerp-NOVI, een belangrijk en verschil met voorgaande ruimtelijke Rijksvisies. Hiermee is het Platform erg verheugd. Desondanks is er volgens het Platform nog extra inspanning nodig om echt tot een nationale en integrale aanpak te komen: een nationaal programma met een langetermijnvisie en sterke samenwerking tussen Rijk en decentrale overheden. In de ontwerp-NOVI ziet het Platform hiervan de contouren, maar bodemdaling wordt nog teveel benaderd als een waterbeheersopgave voor het landelijke gebied. Naar mening van het Platform is de problematiek breder en integraler en ontbreekt voldoende aandacht voor de bebouwde gebieden. Het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) heeft immers al in 2016 laten zien dat in bebouwde gebieden de grootste schade te verwachten bij gelijkblijvend beleid.

Het Platform werkt graag met het Rijk samen aan visie om zo meer richting te geven aan de integrale aanpak van bodemdalingsproblematiek in bebouwd en landelijk gebied. De NOVI kan hiervoor de stevige basis bieden.

Terugblik Nationaal Congres Bodemdaling

21 november 2019 werd volgens traditie weer een complete dag over de aanpak van veenbodemdaling in Nederland georganiseerd. Op dit jaarlijkse congres van het Platform Slappe Bodem presenteerden we de laatste stand van zaken rondom beleid, klimaat, beheer en onderhoud, water, bodem, landbouw en ruimtelijke ordening.

Kijk hier voor een volledige sfeerimpressie en een selectie van de presentaties subsessies.

Strategische Agenda Platform Slappe Bodem 2020-2024

Het Platform Slappe Bodem is en blijft continu in ontwikkeling. De samenwerking van Midden-Hollandse gemeenten die rond 2000 is ontstaan, is in 2019 uitgegroeid tot een netwerksamenwerking van 20 gemeenten, 6 waterschappen en 1 provincie en strekt zich uit over een groot deel van West-Nederland. 

Het Uitvoeringsprogramma 2015-2019 heeft zijn vruchten afgeworpen. Een groot deel van de destijds gestelde doelen is in de afgelopen jaren gerealiseerd. Daarmee heeft het platform kracht ontwikkeld om een rol van betekenis te spelen op nationaal niveau. Bodemdaling is dankzij de inzet van de deelnemende organisaties een thema dat een rol speelt in beleidsstukken (Deltaprogramma, Nationale Adaptatie Strategie, Nationale Omgevingsvisie), in onderzoek (samenwerkende kennisinstituten, Nationaal Kennisprogramma Bodemdaling) en bij ondernemers en inwoners. De vroegere Slappebodemdagen zijn uitgegroeid tot het jaarlijkse Nationaal Congres Bodemdaling met ruim 350 deelnemers. Ook krijgt bodemdaling met grote regelmaat aandacht in landelijke en lokale media (krant, tv, radio en online) en vak- bladen.
De centrale doelstelling die geformuleerd is in 2013 luidt in 2019 als volgt: “We zijn pas klaar met het Platform Slappe Bodem als de omgang met slappe bodem integraal onderdeel uitmaakt van beleid en beheer en nadelige effecten binnen aanvaardbare grenzen van duurzaamheid en betaalbaarheid zijn gebracht” 

Uit gesprekken met bestuurders en ambtenaren betrokken bij het platform is gebleken dat er draagvlak is voor een nieuwe periode. Het platform verzet de bakens enigszins: het agenderen van de problematiek is minder nodig maar zal niet verdwijnen, terwijl er meer behoefte is aan invulling van de aanpak van bodemdaling. De succesvolle agendering van de afgelopen jaren (het ‘wat dan?’) leidt steeds vaker tot de vraag ‘hoe dan?’ en het platform streeft ernaar deze vraag te beantwoorden. Dat de aanpak van bodemdaling van groot nationaal belang is om in West- en Noord-Nederland tegen aanvaardbare kosten te kunnen blijven wonen, werken en recreëren staat daarbij voorop. Het Platform Slappe Bodem is voor overheden de plek waar ervaringen, kennis en netwerk samenkomen. Het Nationaal Kennisprogramma Bodemdaling dat mede door het Platform is opgezet heeft hierbij een belangrijke en neutrale rol: de kennis die onafhankelijk wordt opgedaan wordt hier samengebracht, bediscussieerd en toegankelijk gemaakt. Het Platform Slappe Bodem blijft het Kennisprogramma ondersteunen met middelen en zal ook zelf (aanvullend) onderzoek laten uitvoeren ter ondersteuning van de eigen (lobby-)activiteiten. 

Alle hoofddoelen en activiteiten voor de komende periode (2020-2024) zijn begin december bestuurlijk vastgesteld in de Strategische Agenda.

Bodemdaling de Baas in het Groene Hart

Tijdens het nationaal congres bodemdaling, dat werd georganiseerd door het Platform Slappe Bodem i.s.m. het Nationaal Kennisprogramma Bodemdaling, ging de Regio Deal bodemdaling Groene Hart officieel van start. Binnen deze Regio Deal werken 8 regionale overheden, de rijksoverheid*, kennisinstellingen, agrarische sector, bewoners en bedrijfsleven samen aan een aanpak voor het omgaan met bodemdaling. Dit gebeurt door meer dan 20 innovatieve experimenten uit te voeren. De partijen investeren gezamenlijk 20 miljoen euro in de Regio Deal bodemdaling. De kennis en oplossingen die in de regio worden verzameld, kunnen ook op andere plaatsen in Nederland en mogelijk internationaal worden toegepast. Zo worden we samen bodemdaling de baas!

De start bezegeld
Aan Hilde Niezen (bestuurlijk trekker van de Regio Deal namens de 8 regionale overheden) en Johan Osinga (directeur-generaal van het ministerie van LNV en verantwoordelijke namens het rijk) werden op het podium eerst enkele vragen gesteld. Aan het einde van dit gesprek werd de figuurlijke brug geslagen over het samen aan de slag gaan. Niet alleen in de projecten, maar ook door af te spreken om regelmatig op werkbezoek te gaan. Want tijdens dit soort bezoeken wordt duidelijk zichtbaar wat de problemen zijn en welke stappen ondernomen moeten worden om met deze problemen om te gaan. Letterlijk dus met de voeten in het veen! Om daarop goed voorbereid te zijn, stonden op het podium naast een tuinbankje twee paar Regio Deal bodemdaling laarzen klaar. Hilde Niezen en Johan Osinga trokken deze laarzen gelijk aan voor het zetten van de handtekening op de Regio Deal Bodemdaling Groene Hart, waarmee de start is bezegeld en de uitvoering kan beginnen.

Haalbaarheidsstudie Drijvend Bouwen in Woerden

Grote delen van de ondergrond in Nederland bestaan uit veen, waaronder die in de gemeente Woerden. Veen is niet draagkrachtig, waardoor wegen, riolering, groen en kabels en leidingen verzakken en schade oplopen. Voor de gemeente betekent dit hoge beheer- en onderhoudskosten van de openbare ruimte. 

Daarnaast krijgen we door klimaatverandering steeds vaker te maken met langdurige droogte en hevige regenbuien. Dit vraagt om een flexibel watersysteem dat in staat is om piekbuien te bergen en water op te slaan, zodat er ook in droge tijden genoeg water is veiliggesteld. De huidige wijze van bouwen houdt nog onvoldoende rekening met deze gevraagde flexibiliteit. 

Door de hoge druk op de woningmarkt en het beperkte aantal (goede) locaties om te bouwen, is het waarschijnlijk dat ook gebieden met een niet-draagkrachtige bodem bebouwd worden. Een drijvende wijk in het veenweidegebied kan hier een uitkomst bieden. Een drijvende wijk is flexibel, heeft geen last van een dalende bodem en kan goed water bufferen. Het is daarmee een bodemdaling- en klimaatbestendige wijk.

Bevindingen
Inleidende zin over het onderzoek: Gemeente Woerden heeft, met een aantal partners, onderzoek gedaan naar drijvend bouwen. Tijdens het onderzoek is gekeken naar ontwerpmogelijkheden, techniek, kosten, planeconomie en wetgeving. Dit heeft waardevolle inzichten opgeleverd in de vele kansen en risico’s voor drijvend bouwen in veenweidegebied. De haalbaarheid wordt kansrijk geschat en de maatschappelijke meerwaarde is aanzienlijk. Wel dient er een grondige locatieafweging uitgevoerd te worden en moeten er concrete randvoorwaarden worden meegegeven aan ontwikkelaar. In het kort heeft het onderzoek de volgende bevindingen opgeleverd: 

  • Ontwerp: drijvend bouwen vraagt om een heel andere ontwerpbenadering. Het is daarom aan te raden om stedenbouwkundigen in een vroeg stadium van het ontwerpproces te betrekken. 
  • Techniek: drijvend bouwen biedt aanzienlijke voordelen, maar er zijn ook belangrijke aandachtspunten zoals de flexibele aansluitingen tussen verschillende wijkonderdelen, aanpak kabels en leidingen, waterkwaliteit, aanvoer van drijvende woningen en vroegtijdige afstemming met betrokken partijen. 
  • Kosten: financieel lijkt een drijvende wijk haalbaar mits de ontwikkelende partij en de gemeente afspraken maken over hoe toekomstige besparingen in beheer en onderhoud verrekend worden in de ontwikkelingsfase.
  • Planeconomisch: de omgevingswet biedt kansen om klimaat- en bodemdalingsbestendig te bouwen in veenweidegebied. Voor de provinciale en gemeentelijke omgevingsvisies, verordeningen, omgevingsplannen en programma’s zijn bouwstenen voor drijvend bouwen geïdentificeerd.
  • Juridisch: vanuit bestaande juridische kaders resteren belangrijke discussiepunten. Zo kan de gemeente bijvoorbeeld kiezen of zij drijvende woningen als (on)roerende zaak aanmerkt. 

Het project heeft plaatsgevonden in opdracht van gemeente Woerden, de provincie Utrecht en Waterschap HDSR en directe betrokkenen zijn de provincie Zuid-Holland, Balance D’eau, Zeinstra Veerbeek Architecten, ORG-ID, Witteveen+Bos en Sweco.
In het vervolgonderzoek gaat de gemeente samen met de partners van de Regio Deal Bodemdaling nog openstaande vraagstukken onderzoeken en proberen partners te prikkelen mee te denken met het concept van een drijvende wijk.

Programma Nationaal Congres Bodemdaling bekend

Het Nationaal Congres Bodemdaling op 21 november belooft weer een mooie dag te worden met de laatste nieuwtjes en ontwikkelingen op bodemdalingsgebied. Onder leiding van dagvoorzitter Inge Diepman zullen onder meer Erik Jan van Kempen (directeur-generaal Omgevingswet), Johan Osinga (directeur-generaal Natuur, Visserij en Landelijk gebied), Hanke Bruins Slot (Gedeputeerde Provincie Utrecht, voorzitter Veenweidetafel) en Maarten van Rossem (historicus) hun visie geven op de #hoedan? aanpak van bodemdaling in Nederland.

WANNEER: donderdag 21 november 2019
WAAR: Fort Voordorp, 3737 BK Groenekan

Het maximum aantal deelnemers aan het congres is bereikt. Als u een e-mail stuurt naar info@slappebodem.nl wordt u op de reservelijst geplaatst.

Dit jaar is er extra aandacht besteed aan de randprogrammering van het congres. Namens de Stichting Schuimbeton zal een kunstenares haar talenten tonen met lichte ophoogmaterialen. De subsessies in het tweede gedeelte van de dag worden gepresenteerd aan de hand van 5 thema’s: Bodemdalingsprogramma’s Bebouwd gebied Veenweide initiatieven Innovatie en Pilots Luchtige en drijvende inspiratie

De kennismarkt is goed gevuld met mooie bedrijfspresentaties. Daarnaast is er  nieuw programma onderdeel... de Pubquiz Bodemdaling.

Het hele programma vindt u hieronder.

Gemeenten kunnen 119 miljoen per jaar besparen

Dat de kosten voor beheer en onderhoud van openbare ruimte en infrastructuur op slappe bodem hoog zijn, wisten de gemeenten die hiermee te maken hebben al. Welke meerkosten daadwerkelijk gemaakt worden en mogelijk te vermijden zijn was tot nu toe nooit berekend. Uit onderzoek van ingenieursadviesbureau Sweco, in opdracht van het Platform Slappe Bodem en met medewerking van Deltares, blijkt dat de kosten aanzienlijk zijn, maar ook dat er veel te besparen valt door toepassing van de levenscyclusbenadering en innovatieve, lichtgewicht technieken. 

De uitkomsten van dit onderzoek ‘Kosten in Beeld’ op een rij:

  • Onderhoud en beheer van openbare ruimte en infrastructuur op verzakkende veenbodem is 2x zo duur als op stevige bodem. Dat komt door ongelijkmatige zetting (bodemdaling). Daardoor moeten gemeenten 2 keer zo vaak opnieuw ophogen en aanleggen, met veel overlast voor de inwoners.
  • 2 keer zoveel kosten betekent ook 2 keer zoveel projecten en 2 keer zoveel ambtenaren en wegwerkers om alle projecten uit te voeren.
  • Met toepassing van innovatieve, lichte technieken kunnen gemeenten gezamenlijk 119 miljoen euro per jaar besparen. Dat is ongeveer 17 euro per inwoner per jaar. Het gaat om de gemeenten met zakkende, slappe bodems in West-Nederland. Snelwegen, spoorwegen en provinciale wegen zijn buiten beschouwing gelaten.
  • Toepassing van de levenscyclusbenadering en kiezen voor duurzame, lichtgewicht funderingsmaterialen door gemeenten betekent hogere kosten bij aanleg, maar lagere kosten voor beheer en onderhoud, minder overlast en meer kwaliteit.
  • Innovatie, beschikbaarheid van betrouwbare informatie en nader onderzoek naar de dieper liggende oorzaken van bodemdaling zijn noodzakelijk om de kosten verder te reduceren.

De kosten komen voor rekening van de burgers, maar worden vaak niet volledig doorberekend in de gemeentelijke belastingen. De gemeentelijke belastingen voor gemeenten met slappe bodems (veen/klei) in vergelijking met gemeenten op zand zouden dan immers ook 2 keer zo hoog moeten zijn en dat is voor inwoners niet acceptabel. Gevolg is dat concessies worden gedaan aan de kwaliteit van openbare ruimte, die in de onderzochte gemeenten dan ook lager is dan gewenst.

 Voor het Platform Slappe Bodem zijn de uitkomsten en aanbevelingen van het onderzoek reden om verder in te zetten op het delen van kennis en ervaring, stimuleren van onderzoek en innovatie.

Volgende pagina »