menu
Filter

De bodem van een groot deel van Nederland, waaronder de Randstad, bestaat voornamelijk uit slappe klei- en veenlagen. Door het gewicht van bebouwing op deze slappe bodems en als gevolg van veenoxidatie daalt die bodem voortdurend, op sommige plaatsen zelfs sneller dan de zeespiegel stijgt.  Bewoners en ondernemers hebben daardoor te maken met het verzakken van landbouwgronden (of percelen), woningen, bedrijfspanden, wegen, rioleringen en groenvoorzieningen. Dit heeft (economische, gewas- en gezondheids-) schade en hoge kosten voor beheer en onderhoud tot gevolg.

De continue bodemdaling leidt onder meer tot waterbeheerproblemen, funderingsschade en hogere lasten. De impact voor bewoners en ondernemers is groot. De schade aan funderingen en infrastructuur is hoog en loopt in de tientallen miljarden. Voor een toekomstbestendig Nederland waarin gewoond, gewerkt en voedsel geproduceerd kan worden moet bodemdaling daarom krachtig worden aangepakt.

Over Platform Slappe Bodem

Platform Slappe Bodem is een samenwerking voor en door lokale en regionale overheden. Gevoed door bestuurlijke en ambtelijke ervaring uit de praktijk en de expertise van kennisinstituten werkt het Platform Slappe Bodem aan bewustwording en agendering van bodemdaling binnen diverse nationale, lokale en regionale beleidsvelden en agenda’s. Doelstelling van het Platform Slappe Bodem is om bodemdaling in Nederland beheersbaar te krijgen door bewuste keuzes voor de (middel)lange termijn te maken.

Welkom gemeente Zwijndrecht

Het Platform Slappe Bodem is weer een deelnemer rijker; de gemeente Zwijndrecht heeft zich aangesloten. We interviewen wethouder Van Dongen van Zwijndrecht.

Waarom is gemeente Zwijndrecht deelnemer van het Platform Slappe Bodem geworden?
"Bodemdaling is een belangrijk en actueel thema voor de gemeente Zwijndrecht. Als gemeente zijn wij deelnemer geworden om vier redenen:

  • Krachtenbundeling vanuit de deelnemende gemeenten.
  • Kennisdeling en samenwerking, zodat niet iedere gemeente afzonderlijk het spreekwoordelijke "wiel moet uitvinden".
  • Gemeente Zwijndrecht kan veel kennis bijdragen op dit vlak vanuit praktijkervaringen. Het zou daarom onlogisch zijn als we niet deelnemen aan het platform.
  • Het thema bodemdaling gezamenlijk naar de Rijkstafels brengen. Een evenredige financiële lans breken om bodemdaling meerjarig het hoofd te kunnen bieden."

Wat brengt gemeente Zwijndrecht mee voor het platform?
"Een zeer gedreven wethouder die zich actief inzet voor het thema bodemdaling. Binnen Zwijndrecht draag ik er zorg voor dat bodemdaling binnen diverse beleidsvelden wordt geagendeerd.

Als gemeente hebben wij inmiddels veel kennis op gedaan over hoe wij onze inwoners betrekken bij dit onderwerp. Daarnaast hebben wij in de praktijk de afgelopen jaren al de consequenties gezien van de bodemdaling, zoals breuken in persleidingen en scheuren in vrijvervalriolering bij een aantal gemalen. Deze kennis wil ik graag delen met de collega-gemeenten." 

Wat verwacht je de komende jaren van deze deelname?
"Dat we als gemeente veel kennis opbouwen over het thema bodemdaling. Met deze kennis zijn wij in staat om samen met de deelnemenede gemeenten complexe vraagstukken op te pakken en hier een actieve bijdrage aan te leveren. Met het platform kunnen wij vragen delen en deze uitdiepen met elkaar om zo te komen tot concrete plannen en maatregelen. Dit biedt kansen om de financiële impact beter op de agenda te krijgen van de Rijkstafels en daarmee urgentie te creëren. Het is immers problematiek van nationale omvang." 

Wat is je persoonlijke ervaring met bodemdaling?
"De bodemopbouw in de gemeente Zwijndrecht wordt gekenmerkt door de aanwezigheid van een pakket veen- en kleilagen in de ondiepe ondergrond. Als gevolg van wisselende grondwaterstanden en inklinking van deze veengronden is bodemdaling een actueel thema. In de gemeente zijn de gevolgen van bodemdaling goed zichtbaar.
Door de bodemdaling moet er veel worden gedaan in het beheer en onderhoud van de openbare ruimte. In de bodem zit namelijk veel ondergrondse infra zoals een warmtenet, rioleringen en kabels en leidingen.
Veel woningen in Zwijndrecht zijn niet onderheid en zakken als gevolg van de bodemdaling. Dit is het "thuis" van onze inwoners en de hypotheken lopen door. De woningen worden minder waard en onverkoopbaar door de bodemdaling met alle gevolgen van dien voor onze inwoners. Als gemeente kunnen wij zonder een krachtenbundeling en een evenredige financiële verdeling van de benodigde investeringen de rol van beheerder van de openbare ruimte niet lang volhouden."

We heten gemeente Zwijndrecht van harte welkom in ons netwerk!

Ruimtelijk afwegingskader klimaatadaptieve gebouwde omgeving

Op 9 april presenteerde het ministerie van I&W het ‘Ruimtelijk afwegingskader klimaatadaptieve gebouwde omgeving’. Het Platform Slappe Bodem (PSB) is blij dat het afwegingskader er ligt. Het geeft duidelijkheid aan alle betrokken partijen. Het Platform ziet bevestiging van wat het de afgelopen jaren uitdraagt en wat in de Uitgangspuntennotitie Water en Bodem Sturend is verwoord: bouwen op slappe bodem is mogelijk, mits de juiste maatregelen worden genomen en bodemdalingsbeperkende (innovatieve) technieken worden toegepast. Zo kunnen problemen in de toekomst in openbare ruimte, infrastructuur en waterveiligheid voorkomen worden en veel kosten vermeden. Het bieden van betaalbare woningen op slappe bodem nu en over langere termijn is in een groot deel van Nederland een uitdaging voor zowel gemeenten als ontwikkelaars. Daarvoor is innovatie, lef en ook geld nodig. Het Platform zet zich ervoor in om dit te bereiken, maar verwacht ook van het Rijk een belangrijke bijdrage.

Het afwegingskader geeft hiervoor handvatten bij de locatiekeuze voor de ontwikkeling van woonwijken en bedrijventerreinen. Het is een steun in de rug voor innovatieve ontwikkeling van nieuwbouwlocaties, en tegelijkertijd een uitdaging voor de ontwikkelaars. Ruimte voor maatwerk blijft daarbij belangrijk: niet alle (gebieds)kennis over het bodem- en watersysteem is in het afwegingskader verwerkt of al beschikbaar, dus voor een goede afweging moet altijd ter plaatse nader onderzoek gedaan worden. Aandacht hiervoor is nodig bij de aangekondigde verwerking in wet- en regelgeving. Daarnaast moet het financieel instrumentarium nog geregeld worden (de grondexploitatie ofwel GREX) en is het belangrijk dat bij de keuze voor de inrichting (aanlegmethode) de gehele levenscyclus wordt beschouwd. Dit betekent dat een levenscyclusanalyse wordt uitgevoerd waarbij rekening wordt gehouden met aanleg, beheer en vervanging, zodat de kosten niet afgewenteld worden op bewoners en beheerders in de toekomst. 

Het Platform pleit ervoor dat het Rijk met het afwegingskader de verantwoordelijkheid voelt en neemt om de kennisinfrastructuur en kennisontwikkeling ter ondersteuning van beleid en maatregelen langjarig te organiseren en te financieren en moedigt alle betrokken partijen aan om gebruik te maken van bestaande kennis bij het PSB en bij het Kenniscentrum Bodemdaling en Funderingen (KBF). 

Het ruimtelijk afwegingskader vloeit voort uit de keuzes die gemaakt zijn in de Kamerbrief Water en Bodem Sturend van november 2022 en is een eerste landelijke uitwerking van het principe dat water en bodem sturend moeten zijn bij nieuwe ontwikkelingen. Het bestaat uit nieuw kaartmateriaal waarmee overheden de risico’s van elk gebied in Nederland makkelijker kunnen zien. Door per locatie de risico’s te tonen op het vlak van waterveiligheid, wateroverlast, bodemdaling en drinkwater geeft het afwegingskader meer duidelijkheid over waar er gebouwd kan worden.

Welkom gemeente Landsmeer

Het Platform Slappe Bodem is weer een deelnemer rijker; de gemeente Landsmeer heeft zich aangesloten. Landsmeer is een dorp en een gemeente in Noord-Holland, ten noorden van Amsterdam. De bodem bestaat grotendeels uit veen. Behalve Landsmeer horen ook de kernen Den Ilp en Purmerland bij de gemeente.

Bas ten Have is wethouder in de gemeente Landsmeer. Hij geeft aan dat hij de komende jaren vooral solidariteit wil uitstralen en de lobby voor de bodemdalingsproblematiek wil versterken. Landsmeer is lid geworden van ons platform nadat een raadslid had geconstateerd dat de omliggende gemeenten Oostzaan, Wormerland en Waterland al lid waren. Als kleine gemeente van 11.500 inwoners, met beperkte ambtelijke capaciteit, werkt de gemeente zo veel mogelijk samen in hun regio, zolang er nog geen besluit is genomen over de bestuurlijke toekomst. Dat geldt dus ook in breder verband in het Platform Slappe Bodem.

De persoonlijke ervaring van wethouder ten Have met bodemdaling is herkenbaar; “Ik weet wat het is om de tuin regelmatig te moeten ophogen!”

We heten gemeente Landsmeer van harte welkom in ons netwerk!

Onze uitgangspunten over Water en Bodem Sturend

In de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) is bepaald dat ‘Water en bodem sturend’ een belangrijk uitgangspunt wordt in de ruimtelijke ordening van Nederland. 'Water en bodem sturend' houdt in dat het bodem-watersysteem een doorslaggevende rol speelt bij de inrichting van Nederland. Bodemdaling is een belangrijk thema, dat zowel het water- als het bodemsysteem raakt. Het Platform Slappe Bodem wil een constructieve inbreng leveren, geredeneerd vanuit de samenwerkende gemeenten, waterschappen en provincies die het beleid zullen moeten uitvoeren. Hiertoe hebben we een uitgangspuntennotitie geschreven. De keuzes die hierbij gemaakt worden zijn vanzelfsprekend altijd gebiedsspecifiek.

Met de Kamerbrief Water en Bodem Sturend die op 25 november 2022 is verschenen, heeft het kabinet nadere invulling aan gegeven aan het regeerakkoord en de Nationale Omgevingsvisie (NOVI). Sinds het verschijnen van de Kamerbrief wordt gewerkt aan de concrete invulling via drie sporen:

Bekijk onze uitgangspunten bij deze drie sporen in de PDF onderaan dit bericht.   

Platform is blij met advies Rli voor nationale aanpak funderingsschade, wel zorgen over uitvoering

Op 29 februari presenteerde de Raad voor de Leefomgeving en Infrastructuur haar met spanning verwachte advies over de nationale aanpak van funderingsproblematiek. Het rapport werd in ontvangst genomen door demissionair ministers Hugo de Jonge van BZK en Mark Harbers van IenW. De Raad heeft een advies opgeleverd waarin zowel de technische als de sociale kant van de problematiek belicht worden. Het Platform Slappe Bodem (PSB) heeft aan het advies bijgedragen en herkent veel van de inbreng in het rapport. Het Platform is dan ook blij met het resultaat. Wel zijn er enkele kanttekeningen te plaatsen bij de uitvoerbaarheid, de hoge verwachtingen van preventieve maatregelen en de beperkte rol die de Raad heeft benoemd voor de financiële sector en funderingsherstelsector.

Nationale coördinatie

Het advies voorziet in een ambitieuze aanpak, waarbij een belangrijke rol is weggelegd voor het Rijk met een coördinerend bewindspersoon en nationale coördinator en financiering. Dat is een belangrijke stap om dit omvangrijke dossier met voldoende kracht en aandacht aan te pakken, zeker met de voorziene kosten. Daarbij tekent het Platform aan dat dat de coördinerende bewindspersoon en nationale coördinator ook oog moeten hebben voor de openbare ruimte en publieke voorzieningen rondom huizen met funderingsproblemen. De uitdagingen die hier spelen kunnen niet los gezien worden van de funderingsproblematiek bij huizen. En ook Rijksinfrastructuur is onderhevig aan funderingsproblemen, zoals minister Harbers bij de presentatie van het rapport noemde.

Financiële tegemoetkoming

Er is ook goed gekeken naar ervaringen uit de praktijk, zoals de aanpak van een funderingsscan, zoals die in Zaanstad en Dordrecht al in praktijk gebracht wordt. Het subsidievoorstel voor huiseigenaren is goed: 90% subsidie voor funderingsonderzoek, 70% subsidie voor het opstellen van een herstelplan en 30% voor het uitvoeren van het herstel. Dat helpt huiseigenaren over een drempel heen om tot onderzoek en uitvoer van herstel te komen. 

Een logisch moment om onderzoek te doen en zo nodig herstel uit te voeren is bij een transactie van een woning. Dat zou wettelijk geregeld kunnen worden om kopers te beschermen, zoals de Rli stelt. Het Platform waardeert het dat alle opties door de Rli worden beschouwd, ook het uiterste middel sloop-nieuwbouw.

Het Fonds Duurzaam Funderingsherstel zal met een nationale werking eigenaren kunnen ondersteunen die de financiering niet zelf rond kunnen krijgen. Het Platform is blij met dit voorstel omdat eigenaren hiermee onafhankelijk van de gemeente waarin ze wonen aanspraak kunnen maken op het fonds. Ook zet het de gemeentelijke begrotingen minder onder druk. Wel mist het Platform een duidelijke rol van de financiële sector: die heeft immers ook belang bij goed en tijdig herstel en kan een bijdrage leveren, met name de hypotheekverstrekkers. Met voldoende financiële middelen kunnen we veel funderingsproblemen aanpakken of voorkomen. Ook minister De Jonge ziet een rol voor de banken, zo liet hij bij de presentatie weten. Tegelijkertijd kan de aanpak van de problematiek geen verder uitstel gebruiken en is het zaak zo snel mogelijk aan de slag te gaan. 

Preventie

Met preventieve maatregelen zou een deel van de verwachte funderingsschade kunnen worden voorkomen. De deelnemers van het Platform zien dit ook en zetten zich hiervoor al in. De Raad adviseert Gemeenten om samen met de waterschappen preventieplannen op te stellen. De middelen zijn echter beperkt, en de mogelijkheden om grondwater te sturen in bebouwde gebieden en hiervoor voldoende water aan te voeren in droge tijden moeten niet worden overschat. Gemeenten en waterschappen kunnen hierbij niet volledige verantwoordelijkheid dragen: dat is technisch niet haalbaar en bovendien zeer kostbaar, waarbij de kosten bij de gemeenten en waterschappen liggen en de baten bij particuliere eigenaren. De opgave in de openbare ruimte staat daarbij niet op zichzelf maar moet worden gekoppeld aan de energietransitie en klimaatadaptatie (het Deltaprogramma ruimtelijke adaptatie). Het Platform begrijpt de oproep, maar wil ervoor waken om te grote verwachtingen bij huiseigenaren te scheppen en ziet obstakels in de uitvoerbaarheid.

Ontwikkeling en beschikbaarheid van kennis

Kennisontwikkeling en -beschikbaarheid blijft belangrijk om zicht te krijgen op de daadwerkelijke omvang van het probleem en om effectieve en betaalbare manieren te vinden voor funderingsherstel en preventie. Het Platform juicht de bundeling van de krachten van het Kenniscentrum Aanpak Funderingsproblematiek (KCAF) en het Kenniscentrum Bodemdaling en Funderingen (KBF) toe. Ook de certificering van advies- en funderingsherstelbedrijven is een goede stap, evenals het maken van afspraken om funderingsherstel betaalbaar te maken. Het Platform dringt erop aan om financiering van kennisontwikkeling en -ontsluiting dan ook langjarig en voldoende te faciliteren.

De beschikbaarheid van informatie voor eigenaren via een loket is van het grootste belang. Nationale organisatie daarvan is goed, aangezien de meeste mensen bij de gemeente zullen aankloppen voor hulp, is er extra capaciteit en kennis nodig om inwoners te helpen. Het Platform denkt vanuit de eigen expertise van onze leden graag mee om dit op een goede manier in te richten.

Conclusie

Concluderend is het Platform tevreden met het advies, met enkele kanttekeningen. Het is nu aan de ministeries van BZK en I&W om – zoals de Rli terecht adviseert - de handschoen snel op te pakken, de eerste stap te zetten en een krachtige aanpak samen met decentrale overheden, financiële sector, herstelsector, kennisinstellingen en belangenvertegenwoordigers uit te werken. Voor huiseigenaren met funderingsproblemen kan een stevige nationale aanpak niet langer wachten.

Ontwikkeling nieuwe strategische agenda 2025-2029

Het Platform Slappe Bodem werkt aan de hand van een meerjarenprogramma met begroting; de strategische agenda. De huidige agenda is opgesteld voor de periode 2020-2024. Daarom stellen we in 2024 een nieuwe strategische agenda op voor de periode 2025-2029. In de strategische agenda worden de doelstellingen en activiteiten (op hoofdlijnen) van het platform in de komende vijf jaar omschreven. Hieraan worden vervolgens de financiële middelen gekoppeld.

De nieuwe agenda bevat de wensen, verwachtingen en ambities van alle aangesloten organisaties voor de nieuwe periode en wordt dan ook in samenwerking opgesteld. 

De uitwerking van de nieuwe strategische agenda is in handen van de bestuurlijke kerngroep, de ambtelijke kerngroep en de secretaris. Alle deelnemende organisaties zullen in de gelegenheid gesteld worden om ambtelijk en bestuurlijk hun wensen en verwachtingen voor de nieuwe periode in te brengen. Daarvoor worden ambtelijke en bestuurlijke sessies ingepland (fysiek en online). Het is de bedoeling dat het Bestuurlijk Overleg waarin alle deelnemers vertegenwoordigd zijn de nieuwe strategische agenda vaststellen in oktober-november. De agenda zal dan in de aanloop naar het Nationaal Congres Bodemdaling op 21 november gereed zijn.

Jaarverslag 2023 en activiteitenplan 2024 uitgebracht

Het Platform Slappe Bodem heeft een actief jaar achter de rug, met verschillende campagnes, bijeenkomsten en natuurlijk het nationaal congres bodemdaling. 

Het thema bodemdaling blijkt vrijwel overal in de coalitieakkoorden van de provincie- en waterschapsbesturen op erkenning en aandacht te kunnen rekenen, blijkt uit onze analyse. Daar kunnen we op verder bouwen. Opvallend was ook de energie die op het dossier funderingsproblematiek werd gezet in 2023 in de landelijke politiek. Iets om in 2024 te blijven volgen en op in te spelen. Met een nieuwe Tweede Kamer en hopelijk ook snel een nieuw kabinet zijn er in 2024 weer nieuwe kansen om de doelen van het Platform Slappe Bodem dichterbij te brengen. Waar we onze energie in gaan steken leest u in het Activiteitenplan 2024.

 Het Jaarverslag en Activiteitenplan is hieronder te downloaden.

Interview met Jan Vente, gemeente Lopik

Terug van even weggeweest is Jan Vente. Hij is al vele jaren betrokken bij het Platform, onder meer als voorzitter. De gemeente Lopik heeft zich eind 2023 aangesloten bij het Platform. Als wethouder van Lopik is hij tevens de trekker van het VNG-netwerk van veenweidegemeenten. Vanwege deze ervaring en om de lijnen tussen het Platform en de VNG rondom dit thema kort te houden neemt Jan deel aan de bestuurlijke kerngroep.

We vroegen Jan Vente waarom de gemeente Lopik deelnemer is geworden aan het Platform. “Ook Lopik is een gemeente met een bodem van veen (westen ven de gemeente) en klei op veen. We hebben dus te maken met bodemdaling. Zowel de aanpak van bodemdaling voor het klimaatakkoord (rond Polsbroek) als het tegengaan van zettingen in de kernen is voor ons belangrijk. We willen graag dat de bijdragen van het rijk voor de aanpak van bodemdaling via het gemeentefonds behouden blijven. Die zijn ook voor onze gemeente nodig. Dan moeten we de lobby hiervoor ook steunen. Naast de lobby voor blijvende financiële middelen voor de aanpak bodemdaling is voor ons ook kennisdeling heel belangrijk.”

“Ik ben vanuit mijn vorige gemeente al sinds 2006 betrokken bij het Platform en daarnaast zit ik namens de VNG in de Nationale Regiegroep Veenweiden. Ik breng dus een heel netwerk en veel bestuurlijke ervaring op dit terrein met me mee. Daarnaast ben ik jarenlang verantwoordelijk geweest voor een groot project voor de aanleg van natte natuur waarbij tegengaan bodemdaling ook een belangrijk onderdeel was. Tevens heb ik veel ervaring met een programma van en voor boeren in het veenweidegebied om tot aangepaste en nieuwe verdienmodellen te komen. Daarbij speelde de veenbodem ook een belangrijke rol.”

Op de vraag over zijn persoonlijke ervaring met bodemdaling antwoordt Vente: “Ik woon nu nog in Berkenwoude. Dit gebied heeft een van de dikste veenpakketten van Nederland. Je kunt het zien zakken. Onder mijn voortuin (liggend op een gedempte sloot) ligt een dik pakket EPS en Bims om te voorkomen dat het binnen een paar jaar slechts een gapend gat is. Als ik in het weekend een rondje rond het dorp wandel loop ik door prachtig veenweidegebied waar melkveehouders vaak ware kunstenaars zijn in het werken onder natte omstandigheden. Daarnaast kom ik dan door een natuurgebied met veenweidenatuur. Ik moet wel blind zijn om de schoonheid en de uitdaging van het leven op veen niet te zien.”

Resultaten Regio Deal bodemdaling Groene Hart opgeleverd en overgedragen aan het Kenniscentrum Bodemdaling en Funderingen (KBF)

Op 5 februari 2024 overhandigde Michel Klijmij-van der Laan als bestuurlijk trekker de resultaten van de Regio Deal bodemdaling Groene Hart aan demissionair minister Adema van het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit. Dit gebeurde tijdens het slotevenement van de Regio Deal bodemdaling Groene Hart, in de vorm van een magazine waarin de resultaten en handelingsperspectieven die de 27 Regio Deal-projecten hebben opgeleverd zijn beschreven. Demissionair Minister Adema van het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit nam het magazine met veel interesse in ontvangst. 

De Regio Deal bodemdaling Groene Hart ontstond in 2018 uit een gezamenlijke aanvraag bij het Rijk van acht regionale overheden, kennisinstellingen, de agrarische sector, bewoners en het bedrijfsleven. In de periode 2019 tot en met 2023 werden 27 innovatieve ideeën en experimenten ontwikkeld verdeeld over de thema's stad, land en kennis. Het Platform Slappe Bodem heeft met name in de startfase en bij de oprichting van het Kenniscentrum Bodemdaling en Funderingen (KBF) bijgedragen aan de Regio Deal en is blij met de resultaten. Nu de Regio Deal is afgerond neemt het KBF het stokje over. Het KBF zal de bestaande kennis verder verdiepen en ervoor zorgen dat de kennis en handelingsperspectieven gemakkelijk toegankelijk zijn via de website: www.kbf.nl. Met de opgeleverde kennis en handelingsperspectieven vanuit de Regio Deal is het omvangrijke probleem van bodemdaling nog niet opgelost. Kennisontwikkeling en kennisdeling blijft noodzakelijk. Het Platform Slappe Bodem rekent daarbij op het KBF en de blijvende betrokkenheid van de partijen van de Regio Deal bodemdaling Groene Hart. 

Op de website van de Regio Deal bodemdaling Groene Hart staan zowel het magazine als een filmpje over de resultaten.

Nationaal Congres Bodemdaling 2024

Datum:
donderdag 21 november 2024
Tijd:
10:00 - 17:00

Het Nationaal Congres Bodemdaling zal dit jaar plaatsvinden op 21 november. Meer informatie over de locatie en het programma wordt in de loop van het jaar bekend gemaakt. 

Benieuwd naar het congres van afgelopen jaar? Bekijk hier de terugblik

Nationaal Congres Klimaatadaptatie

Datum:
maandag 17 juni 2024
Locatie:
Nieuwegein

De provincie Utrecht en het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat organiseren op 17 juni 2024 in Nieuwegein het Nationaal congres klimaatadaptatie. De centrale vraag op deze dag is: aanpassen aan het veranderende klimaat, hoe doe je dat? 

En heb je zelf ideeën voor een onderwerp? Meld het bij Saskia van Otterloo

In april 2024 wordt het programma bekendgemaakt en kun je je inschrijven. Wil je de uitnodiging ontvangen Ga dan naar het formulier om je je gegevens achter te laten. Ben je geabonneerd op de nieuwsbrief klimaatadaptatie? Ook daarin wordt het programma bekendgemaakt.

SIKB jaarcongres

Datum:
donderdag 26 september 2024
Locatie:
Prodentfabriek in Amersfoort

Het jaarcongres van Stichting Infrastructuur Kwaliteitsborging Bodembeheer (SIKB) vindt op 26 september 2024 plaats in de Prodentfabriek in Amersfoort.

2024 is in veel opzichten een jaar van beweging. Een jaar waarin we met nieuwe regels werken nu de Omgevingswet van kracht is geworden. Een jaar waarin onze voortgang op de Kaderrichtlijn Water wordt gemeten. Een jaar waarin het graven, saneren, bouwen en werken aan, en in de bodem, archeologie en waterbeheer – en vooral het beschermen ervan – onverminderd doorgaat. En … een Olympisch jaar.

Het SIKB Jaarcongres 2024 staat in het teken van de parallellen tussen de wereld van de sport en de wereld van bodem, water, data-uitwisseling en archeologie. Wat kunnen professionals in ons werkveld leren van topsporters? Hoe leggen wij onze lat zo hoog mogelijk en wat is daarvoor nodig? Welke innovaties, net als in de sport, helpen ons daarbij? Hoe pas je die toe en wat zijn de spelregels?

Volgende pagina »